Berghond van de Maremmen en Abruzzen

Berghond van de Maremmen en Abruzzen
Karakter

Deze rustige, bedachtzame en niet snel onderworpen hond heeft een consequente opvoeding nodig. Hij is zeer gehecht aan zijn baas, geschikt voor kinderen en een goede gezelschapshond. Omdat hij zeer wantrouwig is ten opzichte van vreemden, is hij een betrouwbare en toegewijde waakhond.

Raskenmerken

Land van herkomst
Italië
FCI nr, sectie, groep
201, 01, Herdershonden en Veedrijvers behalve Zwitserse Sennenhonden
FCI Rasstandaard
Gewicht
Reuen: 35-45 kg. Teven: 30-40 kg.
Schofthoogte
Reuen: 65-73 cm. Teven: 60-68 cm
Levensverwachting
10-13 jaar
Gebruik
Vee- en schapenhoeder. Waakhond. Gezelschapshond.
Kleur
Eenkleurig wit. Ivoren, bleek oranje of citroengele tinten zijn toegestaan.
Achtergrond

Men neemt aan dat de Berghond van de Maremmen en Abruzzen al een oud ras is. De Romeinse landbouwkundige Varro maakt al in 100 v. Chr. in zijn geschriften melding van een ras van witte honden. Net als bij de meeste honden van het Europese Molossser type, kan de oorsprong van dit ras worden teruggevoerd tot de Herders-honden van Centraal-Azië die met de Mongolen in West-Europa arriveerden. Tot 1950/1960 werd er onderscheid gemaakt tussen de Berghond van de Maremmen (kortharig) en de langharige Berghond van de Abruzzen. Er werd vastgesteld dat dit onderscheid alleen maar werd gemaakt omdat deze hond van juni tot oktober in de Abruzzen werkzaam was, en van oktober tot juni in de Maremmen streek. Ongeveer vijfentwintig jaar geleden schreef prof. G. Solaro één standaard voor het ras, en werden de namen samengevoegd.

Verzorging

Deze hond is niet geschikt voor een leven binnenshuis. Hij heeft ruimte en veel beweging nodig. Deze robuuste hond kan niet goed tegen warmte. Regelmatig borstelen is nodig.